Een homeopathisch voorbeeld uit de praktijk

Een jongeman komt op het spreekuur met als klacht 'plaatselijke haaruitval'. Tijdens het gesprek blijkt hij eczeem te hebben gehad aan zijn onderbeen. De huidarts behandelde hem met cortisonzalf en zinkzalf en de jongeman werd daarna ‘genezen’ verklaard. Wie de homeopathische samenhang tussen eczeem en haaruitval wil begrijpen moet wat dieper graven. Eczeem duidt op afvalstoffen die niet kunnen worden verwerkt en die naar een bepaalde plek worden verdreven zoals in dit geval het onderbeen en de hoofdhuid (haaruitval). Door goed door te vragen en verbanden te leggen, kan de echte oorzaak worden achterhaald. Als we in de homeopathische vakliteratuur zoeken naar het 'juiste' middel tegen plaatselijke cirkelvormige haaruitval dan komt de oplossing niet dichterbij. In het rijtje van de 'juiste' middelen staat geen sulfur. Kijken we bij eczeem dan staat in de literatuur het middel sulfur wel beschreven. Het juiste middel pakt het probleem (afvalstoffen) bij de wortel aan, zodat eczeem en in dit geval haaruitval een halt wordt toegeroepen. 

 

Belangrijke basisstoffen

Hoe werkt een homeopathisch middel? Bedenk dat een homeopathisch middel nooit materiŽle substanties kan bevatten, omdat het de levenskracht in zichzelf heeft en het dus ZELF is. Begrijp dat een dergelijk tabletje, druppeltje of korreltje barstensvol met informatie zit. Aan de buitenkant zijn de elektronen aanwezig en die zijn in staat bepaalde informatie op te nemen. De elektronen zelf zijn geen elementaire deeltjes. Door het (ritmisch) schudden van de oer(grond)stoffen nemen de elektronen de werking van de opgeloste stof over als een negatief. Zo’n afdruk is juist zeer belangrijk en de informatie blijft bewaard.

Een homeopathisch middel kan alleen werken als het levenskracht bevat. Net zoals een lichaam zonder de geest niet kan bestaan, kan zonder geestkracht geen materie bestaan. In dat licht bezien is ziekte een verstoorde levenskracht, wat zich uit in de vorm van een symptoom. Een ernstig zieke kankerpatiŽnt in het laatste stadium zal nauwelijks over enige levenskracht beschikken. Dan ontbreekt hem de basis voor een homeopathische behandeling (wet der resonantie), omdat deze dan niet effectief zal zijn. Want waar niets is, daar heeft de keizer immers zijn recht ook verloren. De behandelde moet nog over een redelijke dosis energie beschikken, die nodig is bij het voorgeschreven middel. Het middel prikkelt zijn levenskracht en zet aan tot omzetting van vele ongebruikte energieŽn en leidt alles zo in goede banen.

                                                                                                                                                    <terug naar overzicht

©           www.natuurarts.info